woensdag 27 mei 2026

De uitvreter, Titaantjes, Dichtertje - Nescio (1918)

 Volgens mijn lijst van gelezen boeken zou ik 'De uitvreter' al in 2014 gelezen moeten hebben, maar ik kon me er tijdens het herlezen niks van herinneren. Er ging niets dagen. Ik besloot aantekeningen op te zoeken in een van mijn collegeblokken van mijn bachelor Nederlands en toen kwam ik erachter dat de literatuurdocent (Bram Ieven) ons dit verhaal destijds alleen maar had laten lezen om verschillende vertelperspectieven mee uit te leggen. Het begint met een ik-verteller. Die verdwijnt en komt pas weer terug in deel III en vanaf deel IV is het een getuigeverteller (specifieke vorm van ik-verteller waarbij de verteller zelf ook aanwezig is in het verhaal, maar niet echt deelneemt aan de gebeurtenissen).

Nou ja, oké. Ik vind dat nu niet het interessantste van het verhaal, maar ik vind het wel slim van de docent om klassiekers in te zetten voor de uitleg van verhaaltechniek. 

vrijdag 8 mei 2026

Nieuwe gedichten - Martinus Nijhoff (1934)

 De volgorde waarin ik de werken van de Literaire Canon lees, lijkt misschien wat willekeurig, maar er zit voor mij wel degelijk een logica achter: ik lees van jong naar oud en dan eerst alleen de Nederlandse literatuur en als ik bij het oudste werk ben, ga ik van oud naar jong terug met alle Vlaamse werken. Of nou ja... ik sla de werken over die ik al gelezen heb. Daar ik Oeroeg, Het achterhuis, De avonden, Parken en Woestijnen, en Elias al gelezen had en de rest uit België komt, was ik nu aangekomen bij 'Nieuwe gedichten' van Martinus Nijhoff.

Het is dus weer een dichtbundel en dat vind ik helemaal niet erg. Wel was het lastig om aan de bundel te komen. De enige manier lijkt haast wel om aan 'Verzamelde gedichten' te komen, waarin de bundel in zijn geheel is opgenomen. Toch ergens wel jammer dat het zo moet. Ik zag dat dat verzameld werk in de bibliotheek van Oegstgeest stond, maar om logistieke redenen heb ik toch maar de digitale versie van de DBNL gedownload.

Van Nijhoff kende ik al wel wat gedichten, onder andere 'De moeder de vrouw' en 'Awater' (behandeld rond 2014 tijdens mijn studie Nederlands) en laten die nou net in deze bundel staan! Ik vind het leuk om oude bekende gedichten opnieuw te lezen maar nog leuker was dat ze nu in een context stonden. Als je de bundel van voor naar achter leest, kom je toch meer te weten over de dichter en dit vormt hoe je het gedicht tot je neemt.

woensdag 6 mei 2026

Literaire canon: Het levend monogram - Ida Gerhardt (1955)

 Sinds juli vorig jaar lees ik regelmatig werken uit de literaire canon die toen is vastgesteld. Ik had nog maar minder dan de helft gelezen, dus ik had nog een hoop moois in het verschiet als literatuurliefhebber. Inmiddels ben ik flink op weg - vooral nadat ik het negenhonderd pagina's dikke 'De ontdekking van de hemel' heb gelezen - maar het leek me alsnog een leuk idee om wat stukjes te schrijven over de boeken die ik uit deze categorie lees.

Alhoewel, boek, het laatste werk dat ik las, kun je beter een bundel noemen. Bundeltje. Op internet was maar een handvol exemplaren te koop, maar voor €7,50 heb ik nu toch een derde druk uit 1973 bemachtigd. Het gaat om de dichtbundel 'Het levend monogram' van Ida Gerhardt, waarin een kleine zestig gedichten staan. Ook de gedichten zelf zijn overigens klein, kort. 

Mijn eerste indruk was het thema 'moederdood' ofwel zoals deel 1 heet: 'IN MEMORIAM MATRIS'. Ik had hiervoor 'Bezonken rood' gelezen en in die roman was de aanleiding voor het schrijven de dood van de moeder van de auteur. Ik vond het dus jammer dat ik nog niet verlost was van dit onderwerp, maar de manier waarop Ida Gerhardt het behandelt is compleet anders. 

We krijgen gelijk te weten dat de moeder in kwestie geen fijne moeder was, al blijft de emotie uit. Zo ook de details over de moeder-dochter-relatie. In 'Kinderherinnering' wordt wellicht verwezen naar een moment waarop de moeder de dochter in het water wil trekken, maar de werkelijke gebeurtenis blijft voor mij nog een mysterie.